Agri, food en retail: meer ruimte voor duurzaamheid + focus op consumentenrecht

De agri, food en retail krijgen meer aandacht dan ooit. Van de stikstofproblematiek, de hogere prijzen voor voedsel en grondstoffen tot de sterk stijgende energiekosten. Het mededingingsrecht wordt gelet op deze ontwikkelingen steeds belangrijker. Wanneer mogen partijen in de voedselvoorzieningsketen bijvoorbeeld samenwerken om (versneld) de klimaat- en duurzaamheidsdoelen te behalen? En wat kunnen producenten (al dan niet gezamenlijk) doen om zich te verweren tegen de inkoopmacht van retailers, bijvoorbeeld in het licht van stijgende voedselprijzen? En welke nieuwe regels gelden er voor de retail met betrekking tot (het) consumenten(recht)? In deze trend behandelen we deze vragen en gaan we ook in op de rol van de Autoriteit Consument & Markt (“ACM”) en de Europese Commissie (“Commissie”) in dit geheel.

Duurzaamheidsinitiatieven: nu echt meer ruimte?

De druk op de agri-foodsector om snel te verduurzamen en een omslag te maken naar kringlooplandbouw is groot. Inmiddels is algemeen geaccepteerd dat (keten)samenwerking binnen de sector nodig is om hier de benodigde stappen voor te zetten. Hoewel het mededingingsrecht eerder op dit vlak vaak een obstakel bleek (zie hier en hier), zijn er meerdere ontwikkelingen die samenwerkingen bij de verduurzaming van de agri-foodsector gemakkelijker maken.

Duurzaamheid Europese Commissie: artikel 210bis GMO

De Commissie bood eind 2021 meer ruimte voor (gezamenlijke) duurzaamheidsinitiatieven. Dit door een duurzaamheidsvrijstelling aan de (bestaande) GMO-verordening 1308/2013 (“GMO”) toe te voegen (artikel 210bis). Een duurzaamheidsinitiatief dat een bovenwettelijke duurzaamheidsnorm nastreeft en voldoet aan de (overige) vereisten van artikel 210bis GMO is vrijgesteld van het kartelverbod. Ook dient minstens één producent bij het duurzaamheidsinitiatief betrokken te zijn. In Duitsland zijn afgelopen half jaar al meerdere duurzaamheidsinitiatieven beoordeeld door het Bundeskartellamt (“BKa”). Het BKa hield in bepaalde gevallen bij de beoordeling expliciet rekening met artikel 210bis GMO. Noemenswaardig is dat duurzaamheidsinitiatieven onder het regime van artikel 210bis GMO ook toelaatbaar kunnen zijn als deze leiden tot een prijsstijging. Dat zou goed nieuws zijn voor de agri-foodsector, omdat eerdere duurzaamheidsinitiatieven juist op dit punt (zie bijvoorbeeld de Kip van Morgen) zijn gestrand. Artikel 210bis GMO biedt in ieder geval veel mogelijkheden voor (inter)nationale en sectorbrede duurzaamheidsinitiatieven. De vraag waar precies de grens ligt zal in de praktijk moeten blijken. De Commissie brengt eerst in de loop van 2023 richtsnoeren uit over de toepassing van artikel 210bis GMO. Meer informatie over de nieuwe duurzaamheidsvrijstelling van artikel 210bis GMO is hier en hier te vinden.

Duurzaamheid Europese Commissie: groepsvrijstelling

In april 2022 rondde de Commissie haar openbare consultatie met betrekking tot de nieuwe groepsvrijstellingen horizontale overeenkomsten met bijbehorende richtsnoeren af. Deze groepsvrijstellingen bieden inzicht in welke overeenkomsten tussen (potentiële) concurrenten onder bepaalde voorwaarden (i) buiten het bereik van het kartelverbod vallen of (ii) succesvol gebruik kunnen maken van het zogenaamde ‘efficiencyverweer’. De Commissie wenst de huidige groepsvrijstellingen met bijbehorende richtsnoeren uiterlijk 2023 te vernieuwen.

De concept nieuwe richtsnoeren gaan, onder andere met verwijzing naar de Green Deal, ook in op duurzaamheidsafspraken tussen concurrenten. Zo behandelt de Commissie in haar richtsnoeren standaardiseringsovereenkomsten die zien op duurzaamheid. Denk hierbij aan afspraken tussen concurrenten om niet-duurzame producten en processen (bijvoorbeeld omtrent fossiele brandstoffen en plastics) te vervangen door duurzame producten en processen. Voor deze afspraken gaat de Commissie werken met een zogenaamde ‘soft safe harbour’. Indien een standaardiseringsovereenkomst tussen concurrenten op het gebied van duurzaamheid aan bepaalde cumulatieve eisen voldoet, gaat de Commissie er vanuit dat deze geen mededingingsbeperkende effecten heeft. De nieuwe richtsnoeren zijn aldus de Commissie niet van toepassing op afspraken over bovenwettelijke duurzaamheidsnormen met betrekking tot de productie van en de handel in landbouwproducten. Dit omdat deze afspraken al binnen de kaders van artikel 210bis GMO (kunnen) vallen.

Duurzaamheid ACM

Ook in Nederland gebeurt er voldoende op het vlak van mededingingsrecht en duurzaamheid die de agri, food en retail raken. De ACM bracht in 2020 en 2021 conceptversies van haar leidraad duurzaamheidsafspraken uit. Hiermee nam de ACM een voortrekkersrol binnen de EU om meer ruimte te kweken voor duurzaamheid binnen het mededingingsrecht. De ambities van de ACM op dit vlak zijn er, getuige deze speech van ACM bestuursvoorzitter Martijn Snoep, nog steeds. Ook moedigde de ACM de Commissie in juli 2022 aan om het makkelijker te maken voor bedrijven om een informele zienswijze te vragen aan de Commissie voor hun duurzaamheidsinitiatieven.

In september 2022 heeft de ACM een leidraad voor samenwerkingen binnen de landbouw uitgebracht, die hier is te vinden. Het credo van de ACM is – mede onder verwijzing naar artikel 210bis GMO – dat veel ketenafspraken ondanks terughoudendheid in de landbouwsector mededingingsrechtelijk toelaatbaar zijn. Ook brengt de ACM eind 2023 weer een nieuwe editie van de Agro-Nutri monitor uit (zie hier voor de vorige editie en hier en hier voor meer informatie).

De ACM voegde ondertussen de daad bij haar woorden en toetste een duurzaamheidsinitiatief van ZuivelNL: de ‘KoeMonitor’. Met deze monitor kunnen melkveehouders en zuivelproducenten aantonen dat zij voldoen aan de eisen op het gebied van diergezondheid, dierenwelzijn en voedselveiligheid. De ACM toetste of zuivelondernemingen in strijd met het kartelverbod onderling hebben afgestemd de KoeMonitor aan toeleveranciers verplicht te stellen. De ACM vond hier onvoldoende aanwijzingen voor. Ook zag de ACM geen aanwijzingen dat de KoeMonitor (in algemene zin) een beperking van de mededinging zou opleveren. Voorts oordeelde de ACM deze zomer positief over een afspraak tussen (concurrerende) frisdrankleveranciers over het afschaffen van de plastic handgreep op de multipacks frisdranken. De afspraak draagt aldus de ACM (i) bij aan een duurzaamheidsdoel, (ii) ziet niet op een concurrentieparameter en (iii) heeft geen negatieve gevolgen voor de consument. De ACM heeft de afspraak beoordeeld aan de hand van haar concept leidraad duurzaamheidsafspraken.

Wetsvoorstel ruimte voor duurzaamheidsinitiatieven.

Alle ontwikkelingen bij de ACM en de Commissie hebben invloed op het wetsvoorstel ruimte voor duurzaamheidsinitiatieven. Dit wetsvoorstel, sinds 2018 aanhangig, wordt nu in ieder geval tot 2023 aangehouden door het kabinet-Rutte IV. Het kabinet meldde de herziene horizontale richtsnoeren van de Commissie af te wachten (begin 2023) om te bezien of die aanleiding geven het wetsvoorstel aan te passen. Ook kijkt het kabinet uit naar de eerder genoemde (i) guidance van de Commissie inzake artikel 210bis GMO (2023) en (ii) de nieuwe ACM leidraad inzake samenwerkingen binnen de landbouw- en visserij (Q3, 2022).

Stijgende (supermarkt)prijzen: waar moet de agri, food en retail op letten?

De afgelopen maanden stijgen de prijzen in de supermarkten om verschillende redenen. Er ontstaan daardoor ook spanningen tussen leveranciers en (inkoopcombinaties van) supermarkten. Leveranciers zijn vaak gedwongen om de prijzen van hun producten te verhogen vanwege gestegen kosten. Supermarkten hebben een belang om zo scherp mogelijk in te kopen. Conflicten over in- en verkoopprijzen leidden al regelmatig tot lege schappen in de winkels (zie bijvoorbeeld hier en hier).

Verticale prijsbinding

In voorgaand kader komen vaak specifieke mededingingsrechtelijke vragen om de hoek kijken. Sterke prijsstijgingen van grondstoffen of energiekosten kunnen bijvoorbeeld leiden tot adviezen van brancheverenigingen over hoe deze doorberekend moeten of kunnen worden. Dergelijke adviezen staan (zie hier) al snel op gespannen voet met het kartelverbod. Ook kan de vraag rijzen in hoeverre leveranciers invloed mogen hebben op de wederverkoopprijzen die (online) retailers hanteren voor hun producten (ook wel verticale prijsbinding of resale price maintenance (“RPM”) genoemd). RPM staat volop in de belangstelling bij de ACM en de Commissie.

Wet OHP

Nieuw is dat verhoudingen tussen leveranciers en retailer sinds dit jaar (ook) worden beheerst door de Wet Oneerlijke Handelspraktijken (“Wet OHP”). De Wet OHP trad op 1 november 2021 in werking en heeft als doel de positie van boeren, tuinders en vissers tegenover grotere afnemers, zoals inkooporganisaties van retailers, te versterken (zie ook deze blog en dit en dit artikel). Dit door bepaalde handelspraktijken (onder voorwaarden) te verbieden. De ACM is belast met de handhaving van de Wet OHP. Houden afnemers zich niet aan de Wet OHP, dan kunnen leveranciers dat (anoniem) melden bij de ACM. De ACM kan een last onder dwangsom of een boete opleggen aan een afnemer die zich schuldig maakt aan schending van de Wet OHP. Ook is met de invoering van de Wet OHP een nieuwe geschillencommissie opgericht die wordt belast met het beslechten van geschillen inzake de Wet OHP. Deze geschillencommissie moet voor de leverancier dienen als laagdrempelig alternatief voor een civiele procedure. Het aantal klachten op grond van de Wet OHP bij de ACM ligt naar verluidt nog laag. Dat neemt niet weg dat de ACM te kennen gaf klachten van leveranciers graag in behandeling te nemen.

Handhaving consumentenrecht ACM neemt toe: opletten geblazen voor producenten en retailers

Dat de ACM voortdurend blijft inzetten op (handhaving van) het consumentenrecht is al langer bekend (zie deze, deze en deze blog). Dit werd onlangs weer bevestigd door de onderzoeken die de ACM recent afrondde.

ACM handhaving duurzaamheidsclaims

De ACM keek recent kritisch naar retailers die duurzaamheidsclaims koppelen aan producten. De ACM publiceerde een leidraad die op dit punt handvatten moet geven. De ACM eist van bedrijven dat duurzaamheidsclaims feitelijk te onderbouwen zijn. Keurmerken en (andere) visuele claims over duurzaamheid mogen ook geen verwarring opleveren bij de consument. De ACM maakt in haar leidraad geen onderscheid tussen landbouwproducten en andere producten. Het is kortom zaak om (ook) duurzaamheidsclaims bij landbouwproducten prudent te communiceren naar consumenten. Voor meer informatie over duurzaamheidsclaims en het consumentenrecht, zie hier.

ACM handhaving Prijzenwet

Een andere ontwikkeling betreft de nieuwe regels over prijsaanduidingen die sinds mei 2022 zijn opgenomen in de Prijzenwet. Deze nieuwe regels vloeien voort uit een pakket van maatregelen van de Commissie genaamd New Deal for Consumers. Dit pakket dient het consumentenrecht EU-breed te versterken. Met de nieuwe regels in de Prijzenwet dienen retailers duidelijker te zijn bij het geven van prijskortingen- en vergelijkingen. Zo moet de ‘van’ prijs (ook wel de referentieprijs waartegen de ‘voor’ prijs wordt afgezet) de laagste prijs zijn die de retailer 30 dagen voorafgaand aan een aanbieding heeft gevoerd. Hiermee moet het werkelijke prijsvoordeel beter zichtbaar zijn voor de consument. De ACM heeft gemeld de nieuwe regels in Prijzenwet te gaan handhaven. Kortom, de wijzigingen in de Prijzenwet zijn een aandachtspunt voor de retail. De nieuwe regels in de Prijzenwet kennen uitzonderingen die gelden voor specifieke productsoorten, bijvoorbeeld voor beperkt houdbare producten. Zo is het toegestaan om voor producten die beperkt houdbaar zijn kortingsacties te hanteren waarbij de ‘vorige prijs’ de prijs is die direct voorafgaand aan de prijsvermindering gold. Voor een uitgebreide blog over de nieuwe regels in de Prijzenwet, zie hier.

Al met al zien we dat er in het restant van 2022 en begin 2023 ontwikkelingen te over zijn binnen de agri, food en retail. Uiteraard houden wij u daar - ook tussentijds - over op de hoogte.

Meer weten over consumentenregels en onze andere blogs lezen? Kijk op: www.consumentenrecht.info.

Voor alle informatie over een bedrijfsbezoek van de ACM en de Europese Commissie, zie invalacm.nl.

Volg Maverick Advocaten op Twitter en LinkedIn

Contact

Diederik Schrijvershof

T +31 20 238 20 03
M +31 6 81 364 318

Martijn van de Hel

T +31 20 238 20 02
M +31 6 21 210 853

Ramesh Kaushik

T +31 20 238 20 14
M +31 6 47 000 133